Gelet op de financiële toestand van het Lokaal Bestuur Geraardsbergen en de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht te handhaven;
Overwegende dat het Lokaal Bestuur Geraardsbergen over de nodige financiële middelen dient te beschikken om de haar opgelegde taken, vastgesteld in het meerjarenplan 2026-2031, naar behoren te kunnen vervullen;
Overwegende dat het Lokaal Bestuur muziekinstrumenten ter beschikking stelt aan de leerlingen, die door het Lokaal Bestuur worden aangekocht;
Overwegende dat de aankoop- en eventueel de herstellingskosten van deze muziekinstrumenten voor een gedeelte verhaald worden op de leerlingen, die van deze muziekinstrumenten gebruik maken;
Overwegende dat het Lokaal Bestuur ter ondersteuning gemeentelijke infrastructuur ter beschikking stelt;
Overwegende dat het Lokaal Bestuur lesmateriaal ter beschikking stelt aan de leerlingen, die door het Lokaal Bestuur wordt aangekocht;
Overwegende dat een retributie een kostendekkende vergoeding betreft die de overheid vordert als tegenprestatie voor de levering van een bijzondere dienst aan een derde in diens persoonlijk belang of de toestemming voor een rechtstreeks bijzonder voordeel;
Overwegende dat een retributie gekoppeld is aan een concrete dienst die zelf wordt aangevraagd door de heffingsplichtigen of waar zij direct gebruik van maken;
Overwegende dat het bijgevolg redelijk is om een retributie te vragen als tegenprestatie voor de verleende dienst;
Gelet op het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 40 § 3, houdende vaststelling van de gemeentelijke reglementen;
Gelet op de omzendbrief DKO/2018/03 met latere wijzigingen van de Vlaamse Regering betreffende het deeltijds kunstonderwijs waarbij onder andere de inschrijvingsvoorwaarden en toelatingsvoorwaarden worden bepaald;
Gelet op het budget opgenomen in het meerjarenplan 2026-2031 AR: 70072000-Overige retributies inzake onderwijs-, kinder en jeugdwerking – BI: 082000-Deeltijds kunstonderwijs;
Gelet op het budget opgenomen in het meerjarenplan 2026-2031 AR: 70289999-Verkoop diverse roerende goederen – BI: 082000-Deeltijds kunstonderwijs;
Gelet op het budget opgenomen in het meerjarenplan 2026-2031 AR: 70060000-Verhuur lokalen, gebouwen en gronden – BI: 082000-Deeltijds kunstonderwijs;
Enig artikel:
Met ingang van 28 januari 2026 tot en met 31 december 2031 wordt het retributiereglement op het verhuren en verkopen van muziekinstrumenten, het verhuren van lokalen van de kunstacademie en op het lesmateriaal en de activiteiten als volgt vastgesteld:
Artikel 1: verhuur en verkoop van muziekinstrumenten
Retributie op het gebruik van muziekinstrumenten, eigendom van het lokaal bestuur.
Er wordt een retributie geheven op het gebruik van muziekinstrumenten, eigendom van het lokaal bestuur. Deze retributie wordt per schooljaar en per categorie vastgesteld.
| categorie |
instrument |
tarief per schooljaar |
| categorie 1 |
accordeon, harp, contrabas |
165 euro |
| categorie 2 |
cello, hobo |
135 euro |
| categorie 3 |
digitale piano |
110 euro |
| categorie 4 |
dwarsfluit, kopers, slagwerk, klarinet, saxofoon |
80 euro |
| categorie 5 |
gitaar (flamenco, akoestisch, elektrisch, klassiek en bas), viool, kinderhoorn |
60 euro |
| categorie 6 |
Pbone, Ptrumpet, Jflute, bariton- en basukelele |
30 euro |
Het verschuldigde bedrag wordt berekend à rato van het aantal resterende maanden van het schooljaar volgens volgende formule:
Resterende maanden van het schooljaar/maanden in het schooljaar
De maand van de terbeschikkingstelling wordt als resterende maand meegeteld.
Toeslag niet-inwoners Geraardsbergen
Voor leerlingen van de kunstacademie die niet op het grondgebied van Geraardsbergen wonen, wordt een toeslag aangerekend op de hierboven vermelde tarieven.
Toeslag verlenging bruikleen
Voor leerlingen die meer dan drie jaar hetzelfde soort muziekinstrument in bruikleen nemen, wordt een toeslag aangerekend op de hierboven vermelde tarieven.
Het instrument wordt uitgeleend voor de periode van ten vroegste 1 september tot 30 juni van het volgend kalenderjaar, en dit voor maximum drie opeenvolgende schooljaren.
Voor leerlingen die tijdens de initiatiecursus reeds een instrument huurden, kan de huur van hetzelfde type instrument worden verlengd tot de volwassenmaat bereikt is.
Leerlingen die een instrument gehuurd hebben tijdens het schooljaar kunnen hier tijdens de zomervakantie blijven gebruik van maken indien zij dit instrument het volgende schooljaar opnieuw wensen te huren en de reeds aangehaalde termijnen hiermee niet overschrijden.
Bij aanvang dient een huurcontract door de leerling, of door één van de ouders, ingevuld en ondertekend te worden. Verlenging voor het volgende schooljaar gebeurt automatisch. Verlenging van gebruik na drie jaar is enkel na advies van de directie mogelijk.
Gehuurde instrumenten kunnen onder geen enkel beding doorverhuurd of onderling geruild worden.
Aanvragen worden toegezegd in chronologische volgorde, en dit zolang er instrumenten beschikbaar zijn.
De ontlener betaalt naast de jaarlijkse retributie een waarborg van 50 euro. De waarborg wordt betaald volgens de betaaltermijnen die vermeld staan op de factuur.
Snaren, vellen, alle accessoires en onderhoudsproducten zoals olie, vet en reinigingsdoekjes zijn steeds ten laste van de huurder. Ander onderhoud, of herstelling, wordt enkel uitgevoerd na advies van de directie, die een hersteller aanstelt.
Omruilen van een instrument voor een instrument van hetzelfde type, is mogelijk indien er moet gewisseld worden naar een grotere maat, of indien het instrument, ondanks normaal gebruik, defecten vertoont. Dit zolang er instrumenten beschikbaar zijn. Er wordt een omruilformulier ingevuld.
Bij teruggave wordt elk instrument nagekeken door de leerkracht of de verantwoordelijke van de academie. Het oordeel van de academie is bindend voor eventuele kosten.
De directie van de stedelijke kunstacademie behoudt het recht om het instrument voor nazicht op te vragen gedurende eerder welk moment van de huurperiode.
Wanneer de leerling tijdens het schooljaar zijn studies van het desbetreffende instrument stopzet dient het instrument binnen de 7 dagen terug binnengebracht te worden. Bij het inleveren wordt een teruggaveformulier ingevuld. Het verschuldigde of reeds betaalde huurgeld kan in dat geval onder geen enkele voorwaarde geannuleerd of terugbetaald worden.
Bij het laattijdig inleveren van een huurinstrument behoudt de stad het recht om de waarborg gedeeltelijk of volledig in te houden.
Wanneer het instrument niet binnen de 30 dagen terug binnengebracht wordt, zal de waarborg steeds volledig worden ingehouden.
Indien na 2 verwittigingen het instrument nog steeds niet werd ingeleverd zal het tegen kostprijs worden aangerekend.
In geval van beschadiging zal de kunstacademie instaan voor de herstelling van het instrument en zal de kostprijs worden aangerekend en verrekend met de waarborg. Indien de waarborg onvoldoende blijkt zal het saldo worden aangerekend.
Bij disproportionele herstelkosten of onherstelbare schade aan een instrument, zal de vervangwaarde van het instrument, welke bepaald wordt na advies van directie en leerkracht, worden aangerekend.
Bij verlies of diefstal zal de vervangwaarde worden aangerekend.
De school biedt geen verzekering aan voor de huurinstrumenten.
Houders van de UiTPAS met kansentarief betalen 20% van het volledige tarief. De waarborg en eventuele toeslagen blijven onveranderd.
De huurder verbindt zich ertoe het instrument en alle toebehoren zorgvuldig te behandelen en op een veilige plaats te bewaren.
De huurder is verantwoordelijk voor het instrument vanaf het moment van afhaling tot en met de teruggave, inclusief het transport.
Toebehoren zoals koffers, strijkstokken, schoudersteunen, mondstukken, etc. vallen onder dezelfde voorwaarden als het instrument zelf.
De huurder verbindt zich ertoe elke vorm van schade veroorzaakt aan het instrument of toebehoren te melden aan de kunstacademie.
Bij het niet naleven van deze richtlijnen kan de stad de huur stopzetten, en verdere verhuringen weigeren.
Artikel 2: lesmateriaal en activiteiten
Materiaal aangekocht via het Lokaal Bestuur en terugbetaald door de leerlingen/cursisten:
Houders van de UiTPAS met kansentarief betalen 20% van het volledige tarief.
Materiaal aangekocht door de leerling/cursist/vriendenkring van de academie:
Houders van de UiTPAS met kansentarief betalen 20% van het volledige tarief.
Uitstappen, bijwonen voorstellingen, tentoonstellingen,…: houders van de UiTPAS met kansentarief betalen 20% van het volledige tarief.
Artikel 3: verhuur lokalen van de kunstacademie
Categorieën gebruikers
| Cat. A |
Verenigingen erkend door het Lokaal Bestuur Geraardsbergen en/of aangesloten bij de adviesraad |
| Cat. B |
Verenigingen of individuele personen van Geraardsbergen maar erkend door het Lokaal Bestuur Geraardsbergen en/of aangesloten bij de adviesraad |
| Cat. C |
Alle andere aanvragers |
Tarieven
Dagdeel: 9u tot 13u / 13u tot 17u / 17u tot 21u
Extra materiaal is niet inbegrepen in het basistarief.
Artikel 4 : indexatie
De retributies worden jaarlijks op 1 januari geïndexeerd volgens de gezondheidsindex. De aanvangsindex is de gezondheidsindex van december 2025. De aanpassing gebeurt op basis van de volgende formule:
Nieuw tarief = huidig bedrag X gezondheidsindex van de maand december die aan de aanpassing voorafgaat / Aanvangsindex.
Het nieuwe bedrag, bekomen na indexatie, wordt afgerond op het dichtste veelvoud van één tiende. Als twee veelvouden even dicht liggen, wordt het bedrag afgerond naar boven.
Artikel 5 : betalingsvoorwaarden
Alle retributies zijn ondeelbaar verschuldigd en dienen te worden betaald na toezending van een factuur. Het factuurbedrag moet betaald worden binnen de termijn die op de factuur staat vermeld.
Het college van burgmeester en schepenen kan steeds weigeren nog diensten te verstrekken indien de retributies die verschuldigd zijn niet werden betaald.
Artikel 6 : minnelijke invorderingsprocedure
Indien de factuur niet of onvolledig werd betaald binnen de termijn van dertig kalenderdagen volgend op de factuurdatum, wordt de debiteur aan de hand van een eerste herinnering uitgenodigd het verschuldigde bedrag te betalen binnen een termijn van vijftien kalenderdagen vanaf de verzending van de eerste en laatste herinnering.
Artikel 7 : gedwongen invorderingsprocedure
Er is geen bijzondere procedure voorzien voor de invordering van retributies.
Artikel 177 van het decreet lokaal bestuur is eveneens van toepassing op de invordering van retributies: met het oog op de invordering van de fiscale en niet-fiscale ontvangsten kan de financieel directeur een dwangbevel uitvaardigen, geviseerd en uitvoerbaar verklaard door het college van burgemeester en schepenen, om onbetwiste en opeisbare niet-fiscale schuldvorderingen in te vorderen. Het dwangbevel wordt betekend bij deurwaardersexploot.
Een dwangbevel kan door het college van burgmeester en schepenen alleen worden geviseerd en uitvoerbaar verklaard worden als de schuld opeisbaar, vaststaand en zeker is. De schuldenaar moet bovendien vooraf aangemaand zijn met een aangetekende brief, met een brief die afgegeven wordt tegen ontvangstbewijs, of via een elektronische melding van gegevens die voldoet aan de voorwaarden, vermeld in artikel 2281 van het burgerlijk wetboek, en die een bewijs oplevert van deze melding, van het tijdstip waarop ze is verricht en van de authenticiteit en de integriteit van de verwerkte gegevens.
De gemeente zal administratieve kosten aanrekenen voor die aangetekende brief, zoals bepaald in het retributiereglement factuurvoorwaarden en invorderingskosten niet-fiscale ontvangsten. De kosten zijn ten laste van de schuldenaar en kunnen ook ingevorderd worden via het dwangbevel.
Bij betwisting van de schuldvordering zijn de gewone burgerlijke rechtbanken bevoegd.